Sommige verhalen beginnen in duisternis — met pijn, verlies en strijd —
maar eindigen met iets wat nog sterker is dan dat alles: overleven.
Dit is mijn verhaal, van een meisje dat leerde vechten, vallen, maar vooral weer opstaan.

Mijn jeugd – een moeilijke start
Ik ben een meisje van 19. Al zeven jaar woon ik niet meer thuis, nu op een woongroep in Rotterdam.
Mijn jeugd was allesbehalve makkelijk. Mijn ouders waren verslaafd — mijn vader aan cocaïne en alcohol, mijn moeder aan wiet.
Toen ik 11 was, heeft mijn vader iets gedaan wat nooit had mogen gebeuren. Toch bleef hij later een soort vriend en steun in mijn leven, hoe ingewikkeld dat ook was.

Opgegroeid tussen pijn en verlies
Ik werd als baby afgestaan, had astma en geelzucht, en ging via twee pleeggezinnen uiteindelijk bij mijn opa en oma wonen.
Daar waren ook veel ruzies — vooral om mijn vader. Op school werd ik gepest en voelde ik me vaak alleen.
Mijn overgrootoma was mijn veilige plek. Toen ze overleed, zei ze:
“Als je een witte vlinder ziet, dan ben ik bij je.”
Tot vandaag zie ik haar overal — in vlinders, in licht, in momenten van rust.

De verkeerde afslag
Mijn leven ging bergafwaarts. Drugs, agressie, ruzies — met iedereen.
Ik liep weg van huis, vocht met mijn oma, sloeg deuren kapot.
Ik begon mezelf pijn te doen, gewoon omdat ik niet wist hoe ik met mijn woede en verdriet moest omgaan.
Op mijn twaalfde werd ik uit huis geplaatst.
De jaren daarna verhuisde ik van groep naar groep, crisisopvang, gesloten jeugdzorg — overal een nieuw begin dat toch hetzelfde eindigde: pijn, verdriet, vechten.

Een keerpunt – bijna alles kwijtgeraakt
Toen ik ouder werd, ging het van kwaad tot erger.
Ik gebruikte drugs, raakte in gevechten, belandde zelfs op de IC.
Ik was er bijna niet meer.
Maar toen ik terugkwam uit het ziekenhuis, begon ik langzaam te beseffen dat ik het anders wilde.
Dat ik het waard was om te blijven leven.

Herstel en geloof
Langzaam ging het beter.
Ik ontmoette iemand die me echt liet zien wat liefde is — mijn vriend.
Hij hielp me clean te blijven, mezelf te waarderen en beter te zorgen voor mijn lichaam.
Ik rook nu af en toe vape, maar verder ben ik twee maanden clean.
En vooral: ik snijd mezelf niet meer.
Ik bid elke dag, dankbaar dat ik er nog ben.
Ik help anderen die hetzelfde doormaken, zoals een meisje dat ik op mijn groep heb leren kennen.
Zij zegt nu: “Door jou ben ik ook clean.”
Dat is het mooiste wat ik ooit heb gehoord.

Ik ben niet meer dat meisje dat alles kwijt was.
Ik ben nu iemand die gelooft, die helpt, die leeft.
Mijn verhaal begon met pijn, maar het eindigt met kracht.
En dat is wat ik wil delen:
Zelfs na alles wat je hebt meegemaakt, kun je opnieuw beginnen.
Altijd.
Je hoeft niet alles alleen te dragen. Deel jouw ervaring – anoniem of met naam – en help anderen zich minder alleen te voelen.
Jouw verhaal kan iemand anders hoop geven!












